Vanochtend tijdens mijn wekelijkse hardlooprondje zag ik in de verte iets liggen. Ik had al zo’n vermoeden wat het was, wilde het liefst omkeren maar dwong mezelf om verder te rennen. Toen ik dichterbij kwam, zag ik dat mijn eerste gevoel klopte. Een egel. In een split second dacht ik dat ie nog leefde. Geen idee waarom ik dat dacht. Een soort ijdele hoop ofzo. Terwijl ik doorliep, kon ik niet anders dan de egel vluchtig bekijken. Ik zag zijn kleine bebloede snuitje, zijn stekels en twee uitstekende pootjes. En terwijl ik de egel steeds verder achter mij liet, voelde ik drie dingen: 1. een soort waas langs mijn linkeroor, alsof mijn oor zich wilde afsluiten. 2. een misselijkmakend gevoel in mijn buik en 3. een intens verdriet.
Op het gevaar af dat jullie nu de conclusie trekken dat ik rijp ben voor een gesticht - tenzij je een enorme dierenliefhebber bent; dan vind je mijn reactie wellicht nog wat onderkoeld - vooral dat verdriet deed mij deugd. Even daarvoor had ik namelijk diverse gedachten de revue laten passeren. Die gedachten gingen over steeds sterker worden, mezelf wapenen tegen de ‘rationele wereld’ nu ik eindelijk mijn gevoel helemaal had omarmd, over existentiële eenzaamheid en meer van dat soort ‘basale’ overpeinzingen.
Vooral bij dat gevoel van eenzaamheid voelde ik de tranen in mijn ogen branden. Om daarop volgend direct getrakteerd te worden op de gedachte: kom op, schouders eronder en doorgaan. Totdat ik dus die egel zag. Ineens was daar een dode egel. Een egel die zijn hele leven nagenoeg onzichtbaar was geweest, zijn stekels opzette om zichzelf te beschermen en nu moederziel alleen op straat lag.
Terwijl ik dit opschrijf, voel ik mij schuldig naar de egel. De egel die nu ook nog wordt gebruikt als metafoor. Daar heeft dat arme beestje niet om gevraagd. Aan de andere kant is zijn (of haar) leven (of dood) in ieder geval niet volkomen zinloos geweest. Ik kende de egel niet dus wellicht was zijn (of haar) leven helemaal niet zinloos maar dat er op het laatst niemand naar hem (of haar) had omgekeken, is op zijn minst een teken aan de wand. Dit is natuurlijk allemaal leuk en aardig -of niet- maar wat leerde ik nu van die egel?
Dat leereffect openbaarde zich pas aan mij toen ik de egel al achter mij had gelaten. Terwijl ik verder liep, ging er ineens een deurtje open in mijn bovenkamer en moest ik terugdenken aan het boek ‘Kets de Vries over mindfulness. Hoe je evenwichtig leiderschap kunt stimuleren’ (van Manfred F.R. Kets de Vries). In dit boeiende boek (aanrader!) had ik notabene al gelezen over de metafoor van egels. In zijn boek beschrijft Kets de Vries uitvoerig ons eigen ‘innerlijk theater’. Zo verwijst hij naar de Duitse filosoof Schopenhauer die een analogie zag tussen het ongemak dat mensen en egels ervaren bij sociale nabijheid. Egels kruipen bij kou tegen elkaar aan maar hun stekels zitten dan al gauw in de weg. En als ze weer een stukje uit elkaar gaan, krijgen ze het koud. Door vooral veel heen en weer te schuiven, vinden ze uiteindelijk hun ‘optimale afstand van warmte en gerief.’ Volgens Kets de Vries is dit kenmerkend voor de worsteling van mensen om succesvol in groepen, teams, organisaties en de samenleving als geheel te functioneren.
Egels staan symbool voor hoe we ons verhouden ten opzichte van anderen. Zo kunnen sommige mensen heel dichtbij ons komen, maar kunnen we andere mensen absoluut niet verdragen. Dit vindt volgens Kets de Vries zijn oorsprong in ons hechtingsgedrag. De blauwdruk voor al onze relaties die op zeer jonge leeftijd wordt gevormd. Hoe afhankelijk zijn we van andere mensen voor emotionele bevrediging? Welke banden zorgen ervoor dat we ons met anderen verbinden? Dit is allemaal ontstaan in ons vroege ontwikkelingsstadium. Het voert te ver om in deze blog alle hechtingspatronen te bespreken maar die dode egel vertelde mij precies wat ik nodig had en wat ik eigenlijk al lang wist. We komen op de wereld en worden gevormd door onze omgeving, onze ervaringen en de onbewuste en bewuste gedragskeuzes die we maken. Er gebeurt van alles in je leven waarop je geen invloed lijkt te kunnen uitoefenen. Maar als je bereid bent de controle los te laten en te vertrouwen op wat zich voor je ogen ontvouwt, zie je veel meer dan je in eerste instantie dacht te zien. Een dode egel bijvoorbeeld. Die je vervolgens veel meer vertelt dan je ooit voor mogelijk had gehouden.
Mon, 08 October